Zoeken

Tielen zettaal op één.

Taal nu voorop. Zwaktebod of begin van een doorbraak voor ons onderwijs?

In het onderwijs zijn we ergens heel goed in geworden: alles tegelijk belangrijk vinden. Taal, rekenen, digitale geletterdheid, burgerschap, sociaal-emotionele ontwikkeling, persoonsvorming. Noem maar op. Het zijn stuk voor stuk onderwerpen waar je moeilijk tegen kunt zijn.

Misschien is dat wel waarom de keuze om één prioriteit te stellen deze week zoveel tongen losmaakte. Staatssecretaris Onderwijs en Emancipatie, Judith Tielen (VVD), kondigt een grondige koerswijziging aan: taal komt de komende jaren in het onderwijs op één te staan. Waarom? Recent onderzoek laat zien dat de taalbeheersing van jongeren nog altijd onder de maat is. Zoals Tielen schrijft:

“De taalprestaties staan het meest onder druk, terwijl taal juist de basis is voor al het leren. Taal is essentieel voor de ontwikkeling van leerlingen, ook om zich op andere vlakken te kunnen ontplooien.”

De media doken er meteen bovenop. Binnen een half uur kwam alles voorbij: zwaktebod, geweldige stap, zwabberbeleid, dom, slim, onbegrijpelijk. Twee reacties bleven me vooral bij. Eus vroeg zich in het Algemeen Dagblad af waarom we altijd het onderwijs de schuld geven, terwijl ouders zelf ook het goede voorbeeld moeten geven. En onderwijsexpert Barend Last verzuchtte dat de oplossing voor ons onderwijsprobleem niet ligt in nog meer versmalling, maar juist in samenhang en verbreding. “Taal staat niet los van rekenen, burgerschap of digitale geletterdheid. Het groeit parallel, in wisselwerking met de omgeving; Taal is de lucht in ons klaslokaal.”

Ik ben het eens met deze reacties. Sterker, bij Blink zijn we altijd pleitbezorger geweest van een samenhangende kijk op onderwijs, waarbij je ook ouders betrekt. En toch denk ik dat Tielen de juiste keuze maakt en durf ik nog een stap verder te gaan.

Veranderen vraagt kiezen

Thematische en inhoudelijke samenhang tussen alle vakken op school wordt met de nieuwe kerndoelen gelukkig voor alle scholen verplicht. Maar ook binnen een thematische aanpak waarbinnen je vakken integreert, vraagt elk vakgebied om een eigen didactische aanpak. Taalontwikkeling vraagt iets anders van leraren dan rekenen of wereldoriëntatie. Je kunt niet op alle vakken tegelijk een doordachte visie ontwikkelen, nieuw onderwijs ontwerpen én ander gedrag aanleren. Gedragsverandering vraagt focus en tijd. Juist die twee zijn op scholen schaars.

En dat zie je overal terug in de praktijk. Afgelopen zaterdag bezocht ik researchED, het jaarlijkse onderwijscongres in Nijkerk. Ik reed naar huis met een somber gevoel. Niet vanwege de sprekers, maar door de zorgen die ik hoorde in de gesprekken met bezoekers.

Leraren vertelden dat ze nauwelijks tijd hebben om met collega’s te praten, laat staan om echt inhoudelijk met elkaar na te denken over onderwijs. “Nieuwe kerndoelen leven nog niet echt op school,” hoorde ik meerdere keren. Een bestuurder verwoordde het treffend: “Ik zie eerlijk gezegd niet waar onze leerkrachten de ruimte vandaan moeten halen om hier goed met elkaar over te spreken.” Er is simpelweg een chronisch gebrek aan tijd in het onderwijs.

Hoe wrang is het dat er op school, de plek waar leren centraal staat, nauwelijks ruimte is voor het inhoudelijke gesprek over leren?

Belang van focus

In 2020 lanceerden wij bij Blink het initiatief Het nieuwe lezen met als uitgangspunt: elke dag een half uur lezen vanuit nieuwsgierigheid en vervolgens samen praten over wat je gelezen hebt, en er actief mee aan de slag gaan. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk vraagt het van leraren een vergelijkbare omschakeling als het leren van een nieuwe taal of een instrument. Waarom zouden we van leraren verwachten dat zij zo’n verandering tegelijk doorvoeren voor taal én rekenen? Dat is alsof je tegelijkertijd Chinees en Arabisch probeert te leren, of viool en saxofoon.

Scholen die durven te focussen, doen succeservaringen op en komen in een opwaartse spiraal terecht. Maar dat kost tijd, vaak zeker twee jaar. Scholen die die focus niet aanbrengen, blijven hangen in kleine verbeteringen in plaats van een echte doorbraak. En als je moet kiezen waar je begint, begin dan bij taal. Juist daar legt de staatssecretaris nu haar focus.

Schoolteam is de basis van beter onderwijs

Samenwerken vanuit dezelfde focus was misschien wel de belangrijkste rode draad tijdens researchED. Hoofdsprekers als Marcel Lemmens, Jelle Jolles en Inge de Wolf benadrukten ieder op hun eigen manier hetzelfde: onderwijs verbeter je niet in je eentje. Juist het schoolteam is de sterkste voorspeller van beter onderwijs. Als een team een heldere onderwijsvisie deelt, daarin vertrouwen heeft én die visie concreet uitwerkt en zichtbaar maakt in het dagelijks handelen, door de lat hoog te leggen én elkaar te steunen, ontstaat er bijna altijd vooruitgang. Dat noemen we ‘collective teacher efficacy’.

John Hattie liet in zijn beroemde metastudie Visible Learning: The Sequel zien dat juist dit van alle 252 door hem bestudeerde onderwijsinterventies de krachtigste factor is. Sindsdien is dat inzicht alleen maar verder bevestigd.

Wat we bij Blink zien

Op de scholen, inmiddels ruim 750, die al de omslag hebben gemaakt naar thematisch lees- en taalonderwijs, zien wij wonderen gebeuren. Niet alleen omdat zij werken vanuit een heldere onderwijsvisie, maar ook omdat zij voor alle domeinen (lezen, taal, schrijven, spreken, grammatica, spelling en digitale geletterdheid) gebruik maken van wetenschappelijke inzichten over wat wel en niet werkt.

Daarbij is de rol van schoolleiding en bestuur cruciaal. Zij moeten leraren bevragen, de ruimte geven, ondersteunen én achter hen blijven staan, juist wanneer het schuurt, de toetsresultaten tijdelijk wat achteruit gaan, of wanneer ouders of de inspectie kritische vragen stellen. Want een nieuwe taal leren of een instrument bespelen gaat nu eenmaal niet zonder horten en stoten. Dat geldt net zo goed voor onderwijsverbetering.

Houd de focus vast

Tot slot, staatssecretaris Tielen, ik hoop dat u bij de verdere uitwerking van uw plannen met veel leraren, experts en schoolleiders in gesprek gaat. Maar laat u niet van uw stuk brengen. De grootste valkuil in het Nederlandse onderwijs is dat we vanuit grote betrokkenheid op te veel fronten tegelijk verbeteren en daardoor zelden echt doorbreken.

Het roer moet om. En er zijn gelukkig al veel scholen die laten zien dat dit kan: in een of twee jaar tijd kinderen met plezier aan het lezen krijgen. Dus staatssecretaris, houd deze focus vast.

Over de auteur

Jorien Castelein

Jorien Castelein

Onderwijsontwikkelaar en oprichter van Blink

Jorien is expert in leermiddelenontwikkeling en oprichter van Blink, waar ze met meer dan honderd onderwijsprofessionals vernieuwende leermiddelen ontwikkelt op basis van wetenschappelijke inzichten. Als voorzitter van branchevereniging MEVW zet ze zich in voor betere publiek-private samenwerking.

Lees meer over Jorien
Ontdek de kracht van beter leren.