Zoeken

Leren metgevoel.

Waarom emoties en affectiviteit
het leren versterken

Door: Jorien Castelein, algemeen directeur en oprichter Blink

Weet je die ene les wereldoriëntatie nog, waarbij kinderen een Mars en een Snickers tegen elkaar aanduwen alsof het twee aardplaten zijn? Een succesles die ik me nog steeds goed herinner – juist omdat ik in de ogen van leerlingen zag dat ze het nooit meer zouden vergeten: zo ontstaan bergen. Een ‘sticky les’, noemen we dat bij Blink. Een les die blijft hangen.

We leerden dit principe van de broers Chip en Dan Heath. In hun boek Made to Stick (2007) – in het Nederlands vertaald als De plakfactor (2015) – zetten zij factoren op een rij die kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van ‘sticky lessen’. Een heel belangrijk criterium? Emotie! Als kinderen persoonlijk geraakt worden door een ervaring, staan ze ‘open’ en zullen ze de les die ze op dat moment leren veel beter onthouden. Emotie helpt leerlingen zich te focussen, waardoor ze nieuwe kennis makkelijker opnemen en toepassen.

Emoties versterken het leren 

Het is heel boeiend om te lezen over het onderzoek van neurowetenschappers, zoals Mary Helen Immordino-Yang (2007) en anderen, die uitleggen hoe dat ongeveer werkt. Bepaalde hersengebieden, zoals de amygdala – een uiterst gevoelig, amandelvormig gebiedje – het limbisch systeem en een deel van de voorhoofdskwab, spelen een grote rol bij emoties.

Deze hersengebieden zijn een soort regisseurs bij het verwerken en toepassen van informatie, bij het maken van plannen en het nemen van beslissingen. Emotionele en sociaal relevante ervaringen zorgen ervoor dat die hersengebieden sterk geactiveerd worden. Dieper leren komt vooral tot stand als algemene kennis omgezet wordt in zo’n persoonlijke ervaring (we zeggen dan dat die kennis en ervaring samen worden opgenomen in het zogenoemde ‘autobiografisch geheugen’).

Wat kun je als leraar, maar ook als onderwijsontwikkelaar doen om emoties en affectiviteit in het onderwijs meer te benutten? Ik noem een aantal factoren die volgens neurowetenschappers en onderwijskundigen van grote invloed zijn. Factoren die wij bij Blink volop inzetten in ons lesmateriaal, om leerlingen tot beter en rijker leren te brengen.

Vijf manieren om leren echt te laten binnenkomen

  1. Koppel emotionele betrokkenheid aan eigen ervaringen van kinderen.
    Als kinderen voelen dat de lesstof relevant is voor hun leven – als lessen gaan over persoonlijke of maatschappelijke thema’s, over levens van leeftijdsgenoten, als de contexten waarin geleerd wordt herkenbaar en betekenisvol zijn – dan worden hun nieuwsgierigheid en intrinsieke motivatie om te leren aangewakkerd. Kinderen die in het thema Wereldrestaurant recepten leren lezen, omdat ze zelf gaan koken voor de ouders uit allerlei culturen, doen een onvergetelijke en diepe leerervaring op.
  2. Benut sociale interactie.
    Zorg dat kinderen in gezamenlijke taken worden gestimuleerd om eigen ideeën te delen én om van perspectieven en ideeën van anderen te leren. Het cognitieve proces van leren krijgt een extra dimensie door affectiviteit: door leerlingen sociaal-emotionele ervaringen te laten opdoen. “Zoek naar een vonk die maakt dat leerlingen een stap verder willen en durven gaan.” Ik hoor het Gert Biesta nog zeggen, toen we hem een paar jaar geleden spraken over dieper leren. Als kinderen zich in lessen over oorlog, vrede en solidariteit voldoende veilig voelen om uitspraken over conflicten dichtbij en ver weg te doen, dan staan ze ook open om te leren van anderen en nieuwe kennis op te doen.
  3. Geef ruimte aan de persoonlijke betekenis van wat leerlingen leren.
    Eigenlijk is dat gewoon tijd nemen om met de kinderen stil te staan, en niet alsmaar voort te jagen. Zo kunnen ze nieuwe lesstof verbinden met hun eigen leven. Dat is kwaliteit van leren. Geef leerlingen ruimte om eigen verhalen en belevenissen te vertellen, en om eigen inzichten over een onderwerp te delen. Bijvoorbeeld door naar aanleiding van een thema over helden ook voorbeelden van eigen helden te noemen. Zo verrijken ze het begrip ‘held’ in de breedte en diepte, waardoor de lesstof en de nieuwe kennis heel persoonlijk worden én vastkleven aan hun eigen beleving. Een belangrijke reden om tijd te maken voor reflectie!
  4. Zet in op verhalen als krachtig leermiddel.
    Verhalen hebben vanzelf al de kracht om emoties op te roepen, om abstracte onderwerpen en ideeën dichtbij te brengen en te koppelen aan herkenbare, menselijke verhalen. Wie zette zijn oren niet wijd open bij het horen van een persoonlijk kippenvelverhaal van slachtoffers van een tsunami? En wie onthield niet de indringende boodschap die schuilging achter informatie over orkanen en aardbevingen? Verhalen zorgen voor een emotionele connectie met de lesstof, activeren de hersenen op een unieke manier en helpen om complexere ideeën te onthouden en er beelden bij te krijgen.
  5. Zet geïntegreerd en thematisch leren in.
    Leren wordt diepgaander als kinderen in staat zijn om verbanden te leggen tussen concepten uit verschillende vakken. Juist als er samenhang is, kan het in lessen ook makkelijker gaan over de emotionele en sociale impact van betekenisvolle onderwerpen. Daar is dan eindelijk eens écht tijd voor. Prikkelende vragen – emotioneel, maatschappelijk, persoonlijk – leiden makkelijk tot een veelvoud aan werkvormen en activiteiten. Daardoor doorgronden kinderen nieuwe lesstof beter en leggen ze verbanden met ze eerder hebben geleerd.

Hoofd en hart horen bij elkaar

Emoties zijn de motoren van herinnering, zo verwoordde neurowetenschapper Jelle Jolles het alweer ruim tien jaar geleden in zijn boek Ellis en het verbreinen (2012). Het integreren van emotionele prikkels in het leerproces zorgt er niet alleen voor dat het brein openstaat voor nieuwe informatie, maar ook dat informatie effectiever in het langetermijngeheugen wordt opgeslagen – en dat herinneringen levendiger zijn en blijven.

Positieve emotionele prikkels, zoals verwondering en enthousiasme, stimuleren de aandacht en motivatie om meer en dieper te leren. Speelse ervaringen en humor nemen spanning weg. Negatieve emoties – denk aan stress en onzekerheid – blokkeren het leren. Dat maakt een veilige leeromgeving, waar leerlingen naar hartenlust kunnen experimenteren en risico’s durven nemen, zo belangrijk. Het is de leraar in de klas die hier zijn handen vol aan heeft – en die dit, zoals we vaak zien op de scholen waar we komen, vanuit een gloedvolle gedrevenheid voor kinderen en hun ontwikkeling vormgeeft.

Dan denk ik nog even terug aan het experimentje met de Mars en de Snickers, de lessen over orkanen en tsunami’s, de heldenverhalen, de avonturen van stedenbouwers. Herinneringen aan Blink-lessen die ik in een flits aan me voorbij zie gaan. Leren draait, zoals ik met deze voorbeelden heb willen laten zien, om veel meer dan alleen cognitieve zaken. Het gaat erom dat kinderen zich ontwikkelen tot zelfstandige mensen. Leren is een samenspel van hoofd en hart. En dat is een te weinig benut potentieel dat in ons onderwijs veel meer aandacht verdient.

Verder lezen?

  • Johannes Visser, ‘Wie denkt mét gevoel, leert uiteindelijk het best’, 28 maart 2024 gepubliceerd op decorrespondent.nl.

  • Mary Helen Immordino-Yang, Emotions, Learning and the Brain, W. W. Norton & Company, 2015.

  • Antonio Damasio, Ik voel dus ik ben, Wereldbibliotheek, 2013.

  • Meer informatie over het thema ‘hersenen en leren’ vind je op nro.nl.

Ontdek de kracht van beter leren.